-
1. Produktieve -“tonnen”- rassen en hooggehaltige rassen; kan ik met een “tonnen” ras ook een goed suikergehalte halen?
-
2. Wat is diploïd?
-
3. Wat is triploïd?
-
4. Waarom is het suikergehalte soms zo wisselend?
-
5. Wat is de oorzaak van lage suikergehaltes?
-
6. Waarom is de tarra soms zo wisselend?
-
7. Waarom hebben we in Ned.zo'n snelle wisseling van de rassen?
-
8. Wat is de beste zaaiafstand per grondsoort?
-
9. Wat is het beste tijdstip van zaaien?
-
10. Waarom komen niet alle zaadjes op die gezaaid worden?
-
11. Ik vind de prijs van het bietenzaad zo hoog. Hoe komt dat?
-
12. Welk ras is van welke firma(kleur)?
-
13. Waarom krijgen mijn suikerbieten wortelbrand ondanks het gebruik van Tachigaren?
-
14. Onkruidbieten en schieters
-
15. Moeten suikerbieten geschoffeld worden?
8. Wat is de beste zaaiafstand per grondsoort?
De zaaiafstand hangt vooral af van het gewenste aantal planten per ha. Op basis van meerjarig onderzoek van het IRS is het optimum ca. 76.000 planten per ha. Wij van KWS zijn er echter van overtuigd dat de hoge suikeropbrengsten, die we de laatste jaren halen, het best te realiseren zijn op percelen met veel planten ( 85.000 tot 100.000 per ha). Dit zeggen we op grond van eigen praktijkervaringen en op grond van meerjarige Unitip-resultaten. Binnen het traject van 55.000 tot 105.000 planten per hectare is er weinig verschil in suiker- en wortelopbrengst. Wel zullen bij lage plantaantallen suikergehalte en WIN negatief reageren, terwijl bij hoge plantaantallen kop- en grondtarra kunnen toenemen. Vooral regelmaat is belangrijk om een uniform gewas te krijgen. De zaaiafstand kan verder afhangen van de vroegheid van zaai, het ras (kiemkracht/kiemenergie), en een eventuele verwachting van wegval van planten door bijzondere omstandigheden.
In de praktijk zal men veelal werken in het traject 18 à 20 cm. Bij met name de dubbelresistente rassen is het verstandig wat nauwer te zaaien (16 à 17 cm) vanwege grotere gevoeligheid van dit materiaal.